Heel lang geleden toen er in Groningen nog niemand van diftar, het systeem om afval per eenheid of kilo te betalen, had gehoord had ik werk bij de Milieudienst in Groningen. Regelmatig mocht ik mee met het ophalen van keukenafval, ging ik mee putten leeg zuigen, oud papier ophalen en achter de vuilniswagen. Toen ik op een dag mee was om het huisvuil op te halen, we zetten toen nog elke week de vuilniszakken bij de straat, kreeg ik op mijn kloten van een collega. Ik had zonder er verder bij na te denken een bus verf in de wagen gegooid. Het gevolg hiervan was dat tijdens het persen de gele verf de wagen uit spoot de straat op. Ik had onbedoeld gezorgd voor een parkeerverbod.

In de periode dat ik voor de Milieudienst werkte waren ze bezig met het plaatsen van ondergrondse containers. Daarnaast waren er mensen die zelf een afvalcontainer bij huis kregen waardoor er steeds minder personeel nodig was, omdat de mensen met een contract bij de Milieudienst aan het werk gehouden moesten worden betekende dat voor mij en de andere uitzendkrachten dat er steeds minder werk was. Waar andere bedrijven als ze geen werk meer hadden ons dat vertelden en we naar een andere baan konden zoeken en/of een uitkering aan konden vragen deden ze dat bij de Milieudienst net even anders. Daar kwamen steeds vaker uitzendkrachten op ATV te staan. Dan had je een dag vrij, onbetaald uiteraard en kon je je de volgende dag weer melden. Hoe meer ondergrondse containers er bij kwamen hoe vaker we op ATV stonden. Op het eind ging het zelfs zo ver dat we blij mochten zijn als we 1 dag in de week aan het werk waren. Ik hoef niet uit te leggen dat het inkomen niet voldoende meer was om van te leven. Op een dag heb ik toch maar een leidinggevende hierop aangesproken en dat was gelijk het moment dat ik helemaal niet terug hoefde te komen.


De dag daarna ben ik gelijk op zoek gegaan naar ander werk maar het was erg rustig op de arbeidsmarkt op dat moment. Ik had geen andere keuze dan WW aanvragen. In het begin kon ik er prima van rondkomen, het probleem was echter dat het aantal uren dat ik bij de Milieudienst had gewerkt steeds minder was geworden, mijn WW werd hierdoor ook steeds minder. Op een gegeven moment moest ik rondkomen van €350,- in de vier weken terwijl mijn vaste lasten bijna €500,- per maand waren. Volgens het UWV kon ik een aanvulling krijgen van de sociale dienst. De aanvraag werd echter bij de balie al afgedaan met:” Jij hebt WW, daar red je je maar mee.” Op mijn opmerking dat ik er echt niet mee rond kon komen volgende slechts het schouderophalen van de ambtenaar.

Inmiddels ging het zo ver dat ik een brief had van de deurwaarder dat ik voor de rechter zou moeten verschijnen omdat ik mijn huur niet had betaald. Ik heb schriftelijk aan de rechter kenbaar proberen te maken dat ik echt niet genoeg inkomsten had en dat ik graag wilde betalen maar dat ik dat niet kon. Van de rechter kreeg ik nog 3 weken om te betalen, betaalde ik niet dan zou ik toch echt het huis uit moeten. In diezelfde periode was eindelijk mijn WW afgelopen en kon ik bijstand aanvragen, dat zou ik echter niet op tijd hebben en niet genoeg zijn om huisuitzetting te voorkomen. Ik ging naar de Groningse Kredietbank. Ik zag geen andere uitweg meer, op straat leven kan ik niet, daar ben ik niet sterk genoeg voor. Ik moest een handtekening zetten waarmee ik toestemming gaf om te kijken of ik een BKR registratie heb. Ik heb geen BKR registratie. “ Ik krijg wel een melding maar dat komt omdat uw bovenbuurvrouw op 79a wel een registratie heeft.” werd mij nog even verteld. Vanwege mijn privacy moet ik toestemming geven om te kijken of ik een registratie heb maar mij vertellen dat mijn bovenbuurvrouw een registratie heeft is bij de Groninger Kredietbank blijkbaar geen enkel probleem. Bij de Kredietbank was op dat moment nog geen datum bekend van de huisuitzetting, daar kregen zij ook melding van vertelde ze. Ik moest nog een tweede keer terugkomen met al mijn rekeningen en inkomsten, mijn bijstand had ik nog niet, die aanvraag liep nog. Eind van het verhaal bij de Kredietbank was dan ook:” Als u eerst uw schulden aflost kunnen wij u daarna misschien helpen.” Ze zij het echt. Misschien.

Na wederom een nacht wakker liggen besluit ik naar de sociale dienst te gaan, toen nog aan de Zaagmuldersweg. Er stond een vrouw achter de balie die ik daar niet eerder had gezien. Ik leg haar mijn probleem uit en tot mijn verbazing komt ze gelijk in actie. Ze vraagt of ze contact op mag nemen met de woningstichting. Aan het eind van de middag zou ik terugkomen en had ze het voor mij geregeld. Zodra mijn uitkering rond was zou elke maand de huur van de uitkering af gaan en €50,- extra voor het afbetalen van de achterstand, een handtekening eronder en klaar. U begrijpt dat ik deze vrouw erg dankbaar ben. Dat ik die vrouw, die mij zo goed heeft geholpen daarna niet weer heb gezien bij de sociale dienst zal niemand verbazen. Dat in tegenstelling tot de man die mij ooit zei:” Ik begrijp wel dat jouw vader jou heeft mishandeld, als ik zo’n kind had zou ik hem ook mishandelen.” Die man werkt er nog altijd.

Het is al ruim tien jaar geleden dat dit gebeurde maar ik moest er aan denken toen ik een brief kreeg van de gemeente dat ik mij maandag moet melden. De gedachte dat mensen die je echt willen helpen, die echt iets voor je willen doen het niet lang volhouden bij de gemeente Groningen maar dat mensen die dreigen en intimideren wel mogen blijven geeft mij een slecht voorgevoel.
sozawekritische betrokkenheid
Er staat dan wel:” Daarom willen wij graag kennis met u maken en bekijken of wij misschien iets voor u kunnen betekenen.” Maar wat betekend dat als dezelfde gemeente je geen antwoorden wil geven op al je vragen. December 2015:” Degene die daar over gaat neemt volgende week contact met u op.” Is die week al om?

Afgelopen week kreeg ik ineens weer een privébericht van Deborah van Duin. Deborah van Duin, derde bij de verkiezing ambtenaar van het jaar in 2015, had op 2 juni 2016 een bericht geplaatst in het veranderlab op Facebook, een openbare groep. Omdat ze niet het fatsoen had om mij te taggen kwam ik er pas veel later achter. Afgelopen dinsdag heeft ze dan eindelijk het bericht verwijderd. Blijkbaar heeft het meer nut om in het openbaar te klagen over het gedrag van een ambtenaar dan klachten privé te houden. Deborah:” Het bericht van 2 juni 2016 vond ik destijds nodig omdat ik aan de groep wilde uitleggen waarom ik in mijn hoedanigheid als beheerder iemand had geroyeerd. Maar zo lang na dato is het niet meer nodig dat dat bericht er nog op staat, en uit jouw post bij GL van 9 maart maak ik op dat je het niet prettig vind. Vandaar. Groet, Deborah” Ik vermoed dat het bericht nu wel verwijderd mocht worden van haar baas wethouder Mattias Gijsbertsen omdat ze weten dat ik de moed heb opgegeven om ooit nog aan het werk te mogen. Toch kreeg ik door het bericht van Deborah even de hoop dat ze misschien na al die jaren ook antwoord zou mogen geven op al mijn vragen over wie mijn klantmanager is en waarom ik al jaren 5% minder bijstand krijg en geen vakantiegeld. Zelf kan ik niets anders bedenken dan dat het gaat om een straf omdat ik heb geprobeerd uit de bijstand te komen.
deborah antwoorden
Als je als bijstandsgerechtigde in Groningen weet wie je klantmanager is kun je daar niets mee volgens Deborah. Dat zegt wel iets over de klantmanagers in Groningen. Mijn laatst bekende klantmanager zei niet voor niets toen ze mij jaren geleden belde om te zeggen dat ze mijn klantmanager niet meer was:” Ik werk alleen nog met jongeren tot 27 jaar, daarvoor is nog wel hoop.” De hoop dat een ambtenaar mij aanstaande maandag wel antwoorden mag geven is er niet. De angst voor nog meer boetes en straffen is er des te meer.

Alexsander Hesse 2017


Ook voor diftar:
Stappen zoals toen. Hoe deden we dat?
Andere tijden. Mijn werk werd overgenomen.
Telefooncel Ineens zijn ze weg.


Inhoud.