Mijn bankstel is zo vreselijk kapot
dat op mijn zitplaats grote gaten wachten
die mijn leed niet zullen verzachten
want verder ben ik ook aardig verrot.

Ik wil zoveel maar wat er over is
is eigenlijk slechts lezen en wat schrijven
aandacht krijg ik van afgetakelde wijven
ruikend naar een parfummix met pis.

Daar wil ik liever niet te veel van horen
dus ga ik verder zonder bij hen scoren
met het leven, zien hoe het verder gaat.

Want al voelt het gevecht al als verloren
wat men al wist toen ik werd geboren
leef ik nog binnen, niet dakloos op straat.

Alexsander Hesse 2019


Meer gedichten:
Klootviolen en kutgitaren.
Wie weet wat liefde is?
Poezieweek.


Inhoud.


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.